De reizigers in mij
Er leven meerdere reizigers in mij. Alsof er een hele stam in mij woont. Ze spreken allemaal met dezelfde stem. Misschien is dat juist waarom het zo moeilijk is om te weten naar wie ik luister.
Lessen uit mijn persoonlijk leven.
Doorvoelde woorden die je begeleiden op je pad.
Rituelen om thuis te gebruiken.
13 jul 2026
Er leven meerdere reizigers in mij. Alsof er een hele stam in mij woont. Ze spreken allemaal met dezelfde stem. Misschien is dat juist waarom het zo moeilijk is om te weten naar wie ik luister.
17 mei 2026
Er was een tijd waarin ik dacht dat mijn Schaduw het zwaarste was om te dragen. De twijfel of ik wel genoeg ben. De angst om afgewezen te worden. Dat ongemakkelijke zwijgen zodra een conflict de kamer binnenwandelt. Ik zag die dingen als gebreken, als donkere vertrekken in mezelf waar ik liever niet te lang verbleef.
4 mei 2026
Hij stond daar. Een Siberische husky - zo’n hond die lijkt alsof hij uit sneeuw en wind is geboetseerd- met ogen die tegelijk ver weg en heel aanwezig waren. IJsblauw, ja, maar niet kil. Eerder helder. Open. Alsof er niets achter zat dat verstopt moest worden. Alsof hij de kou kende, maar er niet door bepaald werd.
4 apr 2026
Er is een plant die zich nergens voor excuseert. Ze verschijnt niet plechtig, niet aangekondigd, maar ineens is ze er, overal, alsof ze zich al die tijd verborgen heeft gehouden in een gedachte van onze tuin. Kleefkruid. Ik merk haar pas op wanneer ze me vastgrijpt — aan mijn broekspijp, aan mijn huid, aan mijn aandacht. Ze vraagt niets, maar laat me ook niet los.
29 mrt 2026
Soms verandert één avond alles. Een deur die dichtviel, een stem die verdween — en ik stond daar als kind, klein en kwetsbaar, terwijl de wereld om me heen leek te kantelen. Wat ik toen verloor, liet een leegte achter die ik pas jaren later begon te begrijpen.
9 mrt 2026
Er zijn dagen dat ik het nieuws lees en dan lijkt het alsof de wereld uit elkaar aan het vallen is.
15 feb 2026
Wanneer de laatste lichtstraal verdwijnt en de flap van de hut sluit, valt de duisternis als een warme deken over ons heen: de reis naar binnen begint. Onder de wilgentakken, die zich als een houten ribbenkast over de aarde buigen, vervaagt de buitenwereld en maakt de klok plaats voor een tijdloze ruimte.
12 feb 2026
Daar ligt hij weer. De berg die ik bij naam ken, maar waarvan de contouren vandaag vreemd aanvoelen. De herfst is hier vroeger ingevallen dan in het dal. Het pad is bedekt met een dik tapijt van nat mos dat mijn voetstappen dempt, alsof de wereld zelf me vraagt om stiller te worden, om de arrogantie van mijn tempo te laten varen. Een koude wind snijdt langs mijn wangen.
6 feb 2026
Herken je dat? Dat je zo fanatiek probeert de emotionele gaten in andermans schip te dichten, dat je vergeet dat je zelf in een lekke kano zit? Spoiler alert: wilskracht is een slechte lijm voor existentiële scheuren.
1 feb 2026
Daar lig ik dan. Opgerold in de zetel, mijn schouders ergens ter hoogte van mijn oren. Het is die typische, onbewuste spanning; mijn lichaam dat zich schrap zet tegen de wereld. Buiten kraakt de vorst in de kale takken, terwijl de vrieskou genadeloos tegen de ramen beukt. Ik sluit mijn ogen — niet uit vermoeidheid, maar met een zachte, bewuste kracht.